Prille Liefde Bij Het NRC (De Nieuwe Vlam Van Ykje Vriesinga Is Een ‘Wimp’ EN Een ‘Manchild’)

, , 1 Comment

Aaawwww!

Ik heb de afgelopen tijd de “artikelen” van Ykje Vriesinga van repliek voorzien.

Ykje is een redacteur bij het NRC.

Ykje is een typische basket case die allerlei rare dingen op kantoor doet omdat die haar productiviteit en plezier zogenaamd vergroten.

Ik heb er tot nu toe vier (4) gedaan.

De Slapende Redacteur

NRC Redactrice Verschijnt Op Kantoor In Een Onesie, Met Een Knuffelbeer (Met Ykje Vriesinga)

De Surfende Redacteur

NRC Redactrice “Verliest” NRC Laptop, KiteSurfend Aan Het Strand (Met Ykje Vriesinga)

De Vierjarige Redacteur

NRC Redactrice Leert Trappenlopen Van Vierjarige (Met Ykje Vriesinga)

De Dansende Redacteur

NRC Redactrice Neemt Volle Week Vrij Om Gordijnroede Op Te Hangen (Met Ykje Vriesinga)

Ik heb jarenlang (1991-2006) dagelijks op kantoor gezeten, vanaf pakkumbeet 05:30 ‘s morgens tot veelal 20:00 ‘s avonds. Ik reisde dan met een blikje ijskoud bier (wat ik geruime tijd over mijn slapen moest rollen) terug naar huis in een veelal lege tram, metro of trein. Eenmaal thuis kon ik dan snel opfrissen, wat eten en crashen. Vanaf de eind jaren ’90 begon ik werk mee te nemen naar huis. Vanaf 2003 werkte ik – als ik echt door moest knallen – af en toe een dag vanuit huis. In 2005 wordt de kleine geboren. Het was een hele zware bevalling die mijn partner gehavend achterliet. Ze kon zes (6) maanden lang amper lopen. Vanaf 2005 ben ik dus meer en meer vanuit huis gaan werken en – mede dankzij een nieuwe functie die echt betekende dat ik om 01:30 wakker moest zijn “want dan gaat Hong Kong open” – vanaf 2006 werk ik vrijwel uitsluitend vanuit huis.

Vanuit huis werken is een tweesnijdend zwaard.

Yes je hebt heel veel vrijheid qua dagindeling. En yes het internet is vele malen beter. En yes er is veel lekkers te vinden in de koelkast. En yes je kunt webinars en conference calls doen in je onderbroek, ongeschoren met vlekken op je t-shirt. Het nadeel is echter dat je blijft werken. Je checkt als eerste je email en het is veelal het laatste wat je doet alvorens je naar bed gaat. Helemaal in het weekend, ‘s morgens vroeg, kun je bergen werk verzetten omdat het dood- en doodstil is.

Werknemers zijn (tegenwoordig) erg slap. Vanaf medio jaren ’90 (als ik zo’n 6 jaar in vaste dienst ben) zie ik de ene na de andere nieuwe medewerker binnenwandelen na een HBO, HEAO, of geweldige studie. Dit soort mensen kunnen geen normale Nederlandse brief schrijven en een behoorlijk rapport is er al helemaal niet bij. Allerlei basiskennis ontbreekt. Dergelijke mensen willen veelal maar vier (4) dagen in de week werken; sommige zelfs maar drie (3). Buiten hun werk doen ze allerlei dingen die in de categorie “onthaasting” vallen. Ze wandelen, ze zingen, ze helpen flyers vouwen voor het Nederlands Kankerfonds.

Kunstgrepen.

Ze doen achterlijke, vreemde en stupide dingen om zich “beter” te voelen over zichzelf en de planeet want ze trekken bijzonder weinig.

Vanaf 2005 waait deze waanzin  het kantoor binnen.

Mensen kunnen niet meer met een behoorlijke pantalon en hemd in leren schoenen achter een bureau zitten, ben je mal???

Ze hebben een verhoogd bureau nodig, een speciale ergonomische stoel, ze hebben een rugroller nodig en nog veel meer andere waanzin.

Werkgevers zijn niet de allerslimste mensen op de planeet.

De werkgevers zien al die prachtige kantoren van Facebook en Google en Apple en denken: Shit!!! Dat willen wij ook!

Alles moet open space en platte organisatiestructuur.

Geen vergaderruimtes meer, maar zitzakken die je in een kring kunt zetten om vervolgens (op je sokken) neer te ploffen voor een quick catch up meeting.

Alleen degene die de rode pluche knijpbal vast heeft mag dan spreken, en zo ga je de hele kring rond.

Alsof je op de fokking kleuterschool zit.

Wij hadden een “medewerker” die speciale koffie nodig had. Daar had ie – ooit ergens in Jemen – een duur, glimmend eigen apparaat voor gekocht. Dat wilde ie dan op z’n bureau hebben staan, ingeplugd, zodat ie z’n eigen Ghanese koffie met sojamelk kon maken. (Uiteraard verhoogde dat zijn “productivity” en z’n “efficiency“).

Het koffieapparaat werd echter in een niet geijkt stopcontact gestopt en dat betekende op een goeie avond kortsluiting gevolgd door brandweer.

De mongolen van HR (twee meiden van respectievelijk 25 en 27 jaar) hadden klaarblijkelijk onze verzekeringspolis veul beter en aandachtiger moeten lezen. Onze verzekeringsmaatschappij vergoedde namelijk helemaal niks, nul, noppes, nada, want er bleek zowaar een heuse clausule te bestaan voor “eigen meegenomen apparaten die niet het eigendom van het bedrijf waren”. Als dergelijke apparaten schade veroorzaken? Dan heb je fokking pech. Dit leidde tot grootsche #ophef want wat bleek? Veel van onze vrouwelijke client facing executives namen – al jaren – hun haar rollers en curlers mee naar kantoor. Die plugden ze dan even snel in op het damestoilet en aldaar deden dan hun haar alvorens ze met het lease autootje naar klanten gingen. Mag dat dan ook niet meer? Nee dames, dat mag ook niet meer. Het enige wat je op kantoor mag inpluggen is je werkmobiel om op te laden en that’s it.

Het kan altijd nog gekker.

In de UK hadden we een collega die een eigen terrarium op z’n bureau had staan.

Hij had twee kleine gekko’s erin en wat boomstronken en andere rotzooi.

(De gek die daar “ja” op had gezegd moet standrechtelijk gefusilleerd worden op de parkeerplaats red.)

U raadt het al: een junior executive met een hele diepe liefde voor ALLE dieren, vond dit een “onmenselijke” situatie. Dat bleef ze ook echt zeggen: “Onmenselijk”. Ik vond dat vreemd want het betrof twee (2) gekko’s en reptielen zijn per definitie inderdaad niet menselijk. In een dappere daad van animal justice hysterische opwelling liet ze beide gekko’s “vrij, want ze horen echt niet in een aquarium”. (Haar linemanager legde haar toen voor de achtste (8e) keer uit dat het een “terrarium” was red.)

De Gekko’s bleken ons kantoor hartstikke leuk te vinden. Ze wilden helemaal niet vrij zijn. Ze wilden lekker de rest van hun leven op kantoor slijten.

Wie bel je dan?

Nou je belt pest control. Die komen voor kakkerlakken, muizen, ratten en overlast door allerlei vieze vogels. Ze blijken een speciale afdeling te hebben voor slangen, reptielen en enge spinnen.

Ze komen dan langs, het kantoor gaat een dag dicht en ze gaan grote hoeveelheden gif spuiten.

Het moment dat dit bekend werd ging het hele kantoor in rep en roer.

Gaan jullie die arme Gekko’s vergassen?

(Ik verzin dit niet, het werd in diverse lange klagende emails echt “vergassen” genoemd red.)

De eigenaar van de Gekko’s bleef er gelaten onder.

Hij had inmiddels twee nieuwe Gekko’s in z’n terrarium gestopt en een slotje erop laten monteren waardoor niemand ze meer “vrij” kon laten.

De werkgever besloot om niets te doen en te wachten tot “de gemoederen bedaard waren”.

Men wilde niet bekend staan als ontwerpers van de Final Solution voor Gekko’s.

De Gekko’s dartelden dus vrij rond het kantoor, klommen op bureau’s, in planten en soms zelfs op de muur.

Ik had zelf aangeboden om de kater van de buren een keertje mee te nemen. Die was vreselijk vals en voor niets en niemand bang. Als je die grote rode dikke kater een dagje loslaat op kantoor ben je in no time van die fucking Gekko’s af. Dat aanbod werd – na ampel beraad – geweigerd omdat het de gemoederen allerminst zou bedaren. Een jagende kat die twee gekko’s uit elkaar rukt bleek – u raad het al – “onmenselijk”.

***

De voorbeelden die ik hier zojuist noem zijn knettergek, maar lang niet zo gek ende gestoord als de uitspattingen van Ykje Vriesinga.

Je zou denken dat iemand zo labiel, hysterisch en emo als Ykje de rest van haar leven single blijft?

Shaking No Emoticon

Leest u even mee?

NRC: ‘Probeer het maar eens, echt dankbaar zijn’.

Zucht.

Het artikel is geschreven door Doortje Smithhuijsen.

#DoortjeSoWhite

Ernst-Jan Pfauth (31), uitgever van De Correspondent, heeft tal van zelfhulpboeken gelezen, maar werd er niet gelukkig van. Daarom schreef hij er zelf maar eentje. „Een dutje doen tijdens het werk is nu nog taboe, maar ik geloof echt dat dat heel goed is.”

Slapen op kantoor is een hartstikke goed idee!

In de US en in de UK doen mensen dat vooral rondom de christmas deadline. Mensen werken dan de hele fokking dag door om die kut deadlines te halen en slapen dan dus onder hun bureau in een slaapzak. Ik heb het altijd totale waanzin gevonden. Als je die deadline haalt en je stuurt de spullen naar de klant op 23 December? Dan krijg je een out of office reply: I am gone until January 4th. I will not be checking emails until then. We wish you and your loved ones season’s greetings and a happy and prosperous New Year“.

We praten hier echter niet over hardwerkende mensen met deadlines en veeleisende klanten met miljoenencontracten.

We praten hier over ‘journalisten’ en ‘columnisten’.

Die mensen “werken” slechts een paar uurtjes per week.

Het schrijven van een column kost veelal maximaal een uurtje, met misschien een half uurtje erbij voor wat styling, indenting en proofreading.

Elke ochtend maakt Ernst-Jan Pfauth een lijst van de drie dingen die hij die dag gedaan wil hebben. Pas als de eerste taak af is checkt hij zijn mail. „Meestal rond een uur of twaalf.” Pfauth heeft zich aangeleerd zo efficiënt mogelijk te werken, vertelt hij, met zo min mogelijk afleiding. Zijn smartphone staat altijd op niet storen.

Sorry gast, maar je email check je als eerste.

Grote mensen klanten eisen dat een beetje in die grote mensen wereld waar marges en customer satisfaction een hele vreemde rol spelen.

Zo is zijn kans om in een flow te komen het grootst, zegt hij. ’s Middags onderbreekt hij zijn werk voor een wandeling, „daarna ben ik scherper”. Elke avond schrijft hij drie dingen op waarvoor hij dankbaar is. „Daardoor ben ik een stuk tevredener. En ja, ook vaker gelukkig.”

Een "flow", zeg je?

Weet je wat ook helpt?

Probeer een half uurtje een ping pong bal op je kin te balanceren, terwijl je vuistjes maakt met je tenen op het tapijt.

Nod Yes Icon

Deze week is zijn boek Dankboek uitgekomen. Een zelfhulpboek, maar ook een boek over zelfhulp. Twee jaar lang las Pfauth stapels zelfhulpboeken voor zijn column over ‘gezond en gelukkig leven in de prestatiemaatschappij’ op De Correspondent. Hij verbeterde zichzelf aan alle kanten: stopte met alcohol drinken, ging meer slapen, probeerde het minder druk te hebben en zich minder te vergelijken met anderen. En toch was hij tot een jaar geleden helemaal niet zo gelukkig. „Ik dacht steeds aan wat er nog beter kon. Hoe kan ik nog efficiënter werken? Hoe kan ik betere stukken schrijven? Hoe kan ik nog meer likes krijgen op die stukken?”

Door beter en interessanter te schrijven?

Hoewel Pfauth leefde volgens de principes van allerlei zelfhulpideeën, bleef hij gestresst. „Ik was constant ontevreden, zag alleen maar wat er nog niet goed ging en had geen oog voor de dingen die wél lukten.” Pfauth werkte op toptempo, waardoor hij steeds vermoeider raakte. „Ik was vaak chagrijnig en had een heel korte aandachtsspanne.” Daarnaast had hij verkrampte schouders „en een bijbehorend aspirientjesdieet”. Pfauth was kortom een „chronisch ontevreden productiviteitsmachine” geworden, die op het punt stond om op te branden.

Aah. De. Gossie.

Kusje Erop?

Waar ging het mis? Waarschijnlijk was hij te veel gefocust op het antwoord dat de boeken gaven en te weinig op het in de praktijk brengen van die ideeën, zegt hij. „Als je leest dat je je minder moet laten afleiden door onbelangrijke dingen, of vaker dankbaar moet zijn denk je: ja, inderdaad! Maar probeer het maar eens, zo gefocust blijven of echt dankbaar zijn. In de praktijk vergeet je dat al snel.” Hij schreef columns over het belang van waardering, terwijl hij zelf niet echt kon genieten van dat wat hij had: „een lieve zoon, een mooie vrouw, een leuk huis”.

Ik denk dat het mis ging in z’n jeugd.

Papa (of Mama) reed ‘m altijd rond in de auto voor z’n krantenwijk.

Vanaf een uur of 10, “anders moet dat arme kind, zo vroeg op Henk!”

Daarom focust Pfauth zich in Dankboek op methodes die je dagelijks kan toepassen. Hij heeft alle tips en wijsheden die hij de afgelopen jaren van experts en uit onderzoeken heeft geleerd teruggebracht tot een aantal simpele, makkelijk uitvoerbare stappen richting ‘dagelijkse voldoening’, en daarmee richting geluk. Een van die stappen is het actief oefenen van dankbaar zijn. Dankboek is voor driekwart gevuld met lege pagina’s waarop de lezer een invuloefening kan doen: Ik ben dankbaar voor … Omdat …

Ik vind het allemaal een beetje pseudo-religieus klinken.

Here, wij danken u voor deze spijzen… ?

„Het is inderdaad een hype”, zegt Pfauth, „maar het gaat erom dat het voor jezelf waardevol is.” Is iemand die op social media opschept over zijn mediteersessies ook goed bezig? „Het is op zich niet erg om met zoiets te koketteren, lijkt me. Je steekt er dan ook weer andere mensen mee aan.” Zijn credo: zolang het voor jezelf werkt, is het goed. „Net zoals we dagelijks werken aan onze lichamelijke hygiëne, zouden we ook dagelijks bezig moeten zijn met onze mentale hygiëne.”

Pfauth is … een Mental Health Nazi.

Nod Yes Icon

En als het voor hem “werkt”?

Dan. Is. Het. Goed.

Want los van de hype is het volgens hem „echt heel belangrijk” dat mensen zich meer richten op tevreden zijn. „Het is nog steeds gangbaar om te zeggen dat je het druk hebt als iemand vraagt hoe het gaat. Wie het niet druk heeft, is een loser.” Het hoge aantal depressies en burn-outs wordt daar volgens Pfauth door veroorzaakt: mensen werken om het druk te hebben, om ‘belangrijk te zijn’, in plaats van om het werk zelf. En ja, ook bij De Correspondent raken nog steeds mensen overwerkt, ondanks dat Pfauth wel bijna een ‘zelfhulpgoeroe’ genoemd kan worden. „De mensen die bij ons werken hebben vaak een groot verantwoordelijkheidsgevoel, nemen veel werk op zich.” Soms te veel. Pfauth is bezig met een plan waarin wordt vastgesteld wanneer de Correspondent-werknemers wel en niet gebeld mogen worden en hoe overuren moeten worden gecompenseerd.

Ja want telefoon is hartstikke eng, je kunt zomaar allemaal boze mensen aan de telefoon krijgen.

Het lijkt mij het beste idee om “overuren” (voor artikelen waar je maximaal twee (2) uurtjes werk aan hebt) te compenseren met coupons voor een wellness weekend waar je alleen maar zeewier eet. Voor ieder uur “overwerk” krijg je dan een stempel op je kaart. Een volle kaart betekent dan een gratis weekendje weg om zeewier te eten.

Ondertussen blijft het mediabedrijf van Pfauth in beweging. Dit najaar verhuist hij samen met collega Rob Wijnberg naar New York om daar de Amerikaanse versie van De Correspondent op te richten: The Correspondent. De Nederlandse afdeling krijgt komend jaar een nieuw, groter kantoor. Pfauth maakt zich hard om daar een paar slaapcabines in te bouwen. „Een dutje doen tijdens het werk is nu nog taboe, maar ik geloof echt dat dat heel goed is.” En net als je begint te denken dat werkelijk alles in het leven van Pfauth perfect georganiseerd is, geeft hij toe dat hij soms ook weleens „een terugval” heeft. „Dan kijk ik op Facebook of Instagram, waar mensen toch alleen maar de beste versie van zichzelf laten zien, en merk ik dat ik jaloers word op al die leuke levens van anderen.” Snel, die telefoon weer op niet storen. Of beter nog: een wandeling.

The … Correspondent?

Wat vreselijk leuk gevonden!

En het staat er echt lieve mensen: slaapcabines. Alsof je over een brandweerkazerne of politiebureau praat. Draaien de journalisten huilende, breekbare kneusjes van de Correspondent dan zoveel nachtdiensten? Zijn ze de hele nacht on call? Reizen ze – met gevaar voor eigen leven – gebroken terug van conflictgebieden en rennen dan meteen naar kantoor om even bij te slapen alvorens ze hun geweldige skoop publiceren?

Waarom zou het NRC dit uitgebreide artikel over het zelf”hulp”boek van deze whimp zoveel en zo uitgebreid aandacht geven?

Omdat hun resident basket case, Ykje Vriesinga, verkering met ‘m wil, natuurlijk!

Kunnen ze fijn samen wandelen en hun telefoon op niet storen zetten.

Dan tot slot een vraag voor de vrouwelijke lezers van SlimK1nd.

Dames?

Zouden jullie een date met Ernst-Jan overwegen?

Reacties in de comments ajb.

Share
 

Leave a Reply