Fragapanophobia/Natalophobia Met Ellen Deckwitz (En Met SlimK1nd)

, , Comments Off on Fragapanophobia/Natalophobia Met Ellen Deckwitz (En Met SlimK1nd)

Ja wij boffen vandaag.

Nog een verjaardag!

En dat betekent dus nog een feestje!

Het wordt echter geen gezellige bedoening, want we hebben te maken met Ellen Deckwitz.

natalophobia

NRC: De onderstroom.

Verjaardagen, of ze nou van jezelf zijn of van een ander, zijn zelden leuk omdat je het opeens gezellig moet hebben met derden. En we weten allemaal dat het al moeilijk genoeg is om het gezellig te hebben met derden zónder dat het moet. Zo sleepte ik me afgelopen week naar het zoveelste tuinfeest. Bij aankomst bleek het gezelschap in tweeën te zijn verdeeld: de ene helft van de genodigden stond om de barbecue heen, alsof hun gestaar het gaarproces kon versnellen, en de andere helft zat binnen rond de televisie.

Ik heb ook een hekel aan feesten en partijen. Ik ga niet graag naar plekken waar veel mensen zijn. Gelukkig schenken ze alcohol op de meeste feesten en partijen, dus als ik echt een keertje moet, dan ga ik wel maar ga tussen de rokers en de drinkers zitten. Ellen’s feest klinkt vrij standaard, mensen in de tuin, mensen rond de televisie… ik mis een beetje een kinderhoek, die is meestal boven op een kamer met een grote televisie en games en allerlei zoete en vette troep.

„Ik heb toch maar Wimbledon opgezet”, zei de vriendin van de jarige. „Hoef ik nog maar met een deel van de aanwezigen te praten.” Het gezelschap rond de buis kende ik van eerdere verjaardagen, en bijna had ik rechtsomkeert gemaakt, want ik herkende een oom die altijd zeurde over aandelen, een nicht die chronisch emmerde over collectes en een tante die iedereen onder de veertig een arrogante snotaap vond. Toch schoof ik aan, en tot mijn grote verbazing en genoegen ging het alleen maar over tennis.

De “vriendin” van de jarige heeft er ook al geen zin in. En tennis is echt perfect! Je hoeft met niemand meer te praten. Je kunt kunt gewoon vreten, drinken en tennis kijken. Ellen valt echt met ‘r neus in de boter. Ik heb een keer heel lang en heel veel schaatsen moeten kijken op zo’n fuck verjaardag en ik vind schaatsen echt superboring. 

Blow Me

„Zo, die serveert goed zeg,” zei de tante over een jonge speler, „alsof hij God een keiharde high five wil geven!” „Kijk die return dan!” zei de oom ademloos. „Wat vind jij van hem?” vroeg hij vervolgens, en ik was met stomheid geslagen, want het was voor het eerst dat hij mij een vraag stelde in plaats van een monoloog af te steken. En zo werd het een fantastische middag, vol fijne gesprekken over Wimbledon en gedeeld plezier bij een spannend breakpoint of een tiebreak.

Zie je wel, Ellen?

Soms vallen dingen mee.

Voor het eerst in tijden kwam ik energieker terug van een verjaardag dan dat ik was toen ik erheen ging. Enkele personen die ik voorheen niet zag zitten, bleken fantastisch om sport mee te kijken. Ik leerde een kant van hen kennen die ik niet had willen missen.

Dat “energieker terug” betekent dat je het niet helemaal goed hebt gedaan, Ellen. Je moet proberen om de volgende keer meer te eten en meer alcohol te drinken of zelfs nog een snack mee te nemen richting huis. Dan kom je moe en voldaan thuis, gooit dat kind ‘r bed in (die vallen dan altijd meteen in slaap, soms al in de taxi red.) en dan kun je daarna meteen crashen.

De volgende dag bevond ik me tijdens de spits op Rotterdam Centraal. Normaal haat ik dan de hele mensheid maar ik merkte dat ik nu milder was. Wie weet, dacht ik, zijn sommigen hier ook wel fan van Murray of Serena. De grote onbekende massa leek opeens een groot verrassingsei. Wie weet wat voor interessante dingen sommigen zouden kunnen zeggen over spelerstactieken en strategieën. Of hoe vurig sommigen de manier waarop Boris Becker Novak had gecoacht, zouden verdedigen.

Ellen kan niet tegen plekken waar drukte is. Ik ben precies zo. Er is een Amerikaans gezegde: “I wish 20 people to death on my way to work”. Het is niet echt een formeel gezegde, er zijn namelijk diverse varianten van, zoals bijvoorbeeld: “I wish 20 people to death just coming into work driving the I95″. Waar het op neer komt is dit: in de spits heb ik een teringhekel aan alles en iedereen. De bus, de route, het weer, de andere passagiers, de tijd, het tempo, het remmen, de omgeving. Alles. Ellen heeft dat ook.

Ik kan mij herinneren een dag naar kantoor, in 2014. ‘s Nachts werd de laatste wedstrijd in de finale van de NBA gespeeld. “Mijn” team, The Golden State Warriors, werden kampioen. Een geweldig leuk, jong team, met een hele sympathieke coach die ook nog eens oogstrelend basketball speelden. De wedstrijd duurde van 2u ‘s nachts tot 5u ‘s morgens of zoiets. De route naar kantoor brengt mij de hele stad door, dus het is altijd druk. Ik reis dan ook meestal buiten de spits. Of ik vertrek achterlijk vroeg, of na half 10, dan kun je tenminste zitten – aan de raamkant – en naar buiten staren en de wereld negeren. De dag na de finale echter moest ik vroeg op kantoor zijn en dat betekent reizen in de spits.

Mensen hebben natuurlijk verschillende kanten, maar sommigen hebben in hen ook nog eens een persoonlijkheid-die-van-sport-houdt en die soms een warme aanvulling is op hun karakter. En terwijl ik mij mengde in de grote anonieme massa, voelde ik me blij, omdat ieder een nog te ontdekken kant in zich had, die suggereerde dat er door al deze mensen heen een ondergrondse stroom vloeide, vol onvermoede vreugde.

Dat is precies wat ik had, die ochtend na de finale!

Ik had zowaar een zitplek (ik stond naast een stoel met een mevrouw die er na 1 halte al uit wilde). Het was bom- en bomvol. Maar ik merkte er niks van. Ik was bezig met basketball, die finale, dat kampioenschap… en ik… kabbelde als het ware naar kantoor…

… op die onderstroom.

Share